Column Charlotte Beumer - juli 2019

Eigen spel

“Oh, ik moet ophangen, ik moet nu een vergadering in.” Haar stem klinkt gehaast en nét even iets te vrolijk. Voor iemand die de hele dag zo gehaast is, bedoel ik.
“Is goed,” antwoord ik. “Je hoort nog van me.”
Mijn laatste woord rolt nog maar nauwelijks mijn mond uit of ze heeft de verbinding al verbroken.
Ik ben een paar tellen stil, de telefoon in mijn hand.
Wácht eens even.
Wat is híer nu net gebeurd?

**

Frustraties en triomfen

Waar ik in het begin regelmatig huilend naar huis fietste na afloop van de Fightclub-training blijven de tranen de laatste tijd steeds vaker uit.
Tegenwoordig stap ik gezellig keuvelend naar binnen, hijs me hoogstens een tikje zenuwachtig in mijn gear en hou me vervolgens een uur lang bezig met kleine en grote frustraties en kleine en grote triomfen.
En nu de lagen angst en emoties steeds dunner worden kan ik me bezighouden met waar ik echt voor kom. Leren vechten.
Letterlijk, ja. Maar ook figuurlijk.

**

“Ja, we hebben het even intern besproken. En we vinden je prijs te hoog.”
“Oké, prima. Daar valt over te onderhandelen. Wat hebben jullie zelf in gedachten? Dan kunnen we kijken hoe we tot een overeenkomst kunnen komen.”

**

Elke week jarig

“Weet je wat het is?” zegt mijn maatje wanneer we na afloop van de training nog even napraten.
“Nou..?” Als mijn stem wat luid klinkt dan klopt dat. Eerder kreeg ik namelijk een stoot voor mijn kanis die toeters en bellen had doen rinkelen. Alsof iemand twee wokpannen tegen elkaar had geklapt met mijn hoofd ertussen. Heel even kon ik geluidjes zien.
Feedback is een cadeautje en in de zaal ben ik elke week jarig. Pweeeeep.

Dorpsgek

“Jij blijft maar op me af komen,” vervolgt hij. “Dus ik hoef niks te doen. Ja, mijn vuist uitsteken.”
Zijn woorden komen harder aan dan zijn bokshandschoenen.

Want ineens zie ik het voor me. Glashelder. Hoe ik klappen krijg en maar terug blijf komen voor meer. Als de dorpsgek met een voorliefde voor afranselingen.
Ik weet even niet wat ik moet zeggen en dat gebeurt me toch niet vaak.
“Relàx,” voegt hij nog toe. “Kijk ook eens wat de ander doet. Bepaal je eigen spel.”
Bordje vol feedback
Relaxed zijn tijdens het vechten vind ik nog steeds uitermate lastig, maar ik weet dat hij gelijk heeft.
“Oh ja!” Ach, hij bedacht nog een toetje. “En je zegt de hele tijd ‘sorry’ als je een klap hebt uitgedeeld. Hou daar eens mee op.”

Zo. Ik heb weer een bordje vol feedback om op te kauwen de komende week. Lekker.
De daaropvolgende dagen vraag ik me steeds vaker af wat zou er gebeuren als ik het voortdurend vechten af zou kunnen wisselen met relaxen. Met de ander mee bewegen. Hoe dat zou voelen, die balans.

**

“Ja nou,” zegt ze opgeruimd, “wat we dus gaan doen is het volgende. We gaan twee tarieven hanteren. Tarief A als we je een makkelijke opdracht geven, tarief B als het een moeilijke opdracht is.”
Maar dan moet ze ophangen, want ze moet een vergadering in.

**

Zielige T-rex armpjes

Ik heb lange benen, maar gebruik ze in de zaal maar mondjesmaat. Ik vecht met zielige T-rex armpjes. Ik laat mensen dichtbij komen, over mijn grenzen, terwijl ik ze met een simpele trap of harde duw op afstand zou kunnen houden. Ik ga naar huis met blauwe plek ter grootte van een pizza margherita op mijn bovenbeen, die ik gemakkelijk had kunnen voorkomen als ik mijn ruimte had bewaakt.
Maar voor iemand die nooit ruimte heeft wíllen innemen, die er de valse overtuiging op nahield dat ze daar geen recht op had, is er weinig lastiger dan dat.

Stapel cadeautjes

Enkele dagen later tijdens de krav-training staat grondvechten centraal en ik voel me als een jarig kind met twee handen vol chocola in een ballenbak in de Efteling dat een hele stapel cadeautjes kreeg én het avondeten mocht bepalen.
Ik vind grondvechten leuk. Heel leuk.

De overhand

De andere helft van mijn tweetal gaat op zijn rug liggen en ik duik met gepaste beheersing overdwars bovenop hem.
Zijn doel: mij van zich af werken en opstaan.
Mijn doel: dat voorkomen.

Even ervaar ik hoe het is om de overhand te hebben. Om voortdurend druk te zetten op zo’n manier dat hij zich niet zal weten te bevrijden. Hoe hard hij moet werken en hoe relatief weinig moeite ik hoef te doen. Hoewel hij een stuk sterker is dan ik. 

**

Ik staar naar mijn telefoon.
Maar wácht eens even. Dit is een groot bedrijf. Dit zijn mensen die weten hoe het werkt. Die een opdracht hebben en daar iemand voor zoeken met specifieke kennis van een specifiek vakgebied.
Namelijk: míjn vakgebied.
En die nu niet alleen mijn uurtarief, maar ook de moeilijkheidsgraad van de opdracht voor mij gaan bepalen.

**

Scenario’s

In de zaal lukt het me steeds iets vaker en telkens iets langer om daadwerkelijk ontspannen te blijven.
En da’s een eyeopener.
Letterlijk.

Want ineens heb ik oog voor mijn tegenstander. Zie ik zijn patronen, wat er gebeurt als ik druk zet, hoe hij handelt als ik dichterbij kom of juist afstand hou. En omdat we na elk rondje vechten van tegenstander wisselen, kan ik oefenen met talloze scenario’s.
Een klap uitdelen als ik andermans dekking zie zakken. Me even terugtrekken om vervolgens weer aan te vallen.

Maar aanvallen is slechts een onderdeel van een goed gevecht. Mijn eigen dekking hoog houden. Klappen incasseren en doorgaan, terwijl ik bij mezelf blijf, mijn eigen regels bepaal, mijn eigen grenzen bewaak zonder in paniek te raken. Blijven kijken naar mijn tegenstander, al vind ik dat nog zo eng.
Dat is allemaal minstens even belangrijk.

Fluffy vest

Telefonisch is ze de rest van de dag niet meer bereikbaar, dus ik kruip achter mijn toetsenbord en stel een mail op.
Tijdens het tikken laat ik de ‘stel dat ik deze opdracht misloop’- angst los en trek ik dat ‘maar wácht eens even’- gevoel aan als een comfortabel fluffy vest op een koude winteravond.

Ik weet: er zijn zoveel copywriters dat je er de Noordzee mee zou kunnen dempen.
Ik weet: voor mij tien anderen.
Maar ineens realiseer ik me: andersom geldt dat ook. Want al zijn er nog zoveel copywriters, er zijn minstens net zoveel opdrachtgevers.

Ik laat vriendelijk, professioneel en duidelijk weten wat mijn spelregels zijn. En dat ik me niet kan vinden in hun voorstel.

**

‘Hartelijk dank voor je mail, we hebben het inmiddels intern opgelost. Misschien dat we in de toekomst - ’

**

Spiegeltje spiegeltje
Ik loop de opdracht mis. En ik vind het niet eens erg.
Sterker nog, ik voel me sterker dan in tijden. Sterker dan ik me zou hebben gevoeld als ik deze opdracht had aangenomen onder hun voorwaarden.

Het beoefenen van krav maga en Fightclub leert me te handelen onder stress. Geeft me inzicht in mijn angsten en belemmeringen. Houdt me een spiegel voor als het aankomt op mijn gedrag in het dagelijks leven.
Ik leer te vechten en ontspannen, tegelijkertijd. Steeds vaker bepaal ik mijn regels.
En ik had nooit gedacht dat ik dat zou kunnen.

Over Charlotte:

Ik ben Charlotte, 38 jaar oud en moeder van Teddy (7jr.) en James (4jr.). Samen met onze geschifte kater Titus wonen we in Haarlem. Ik ben een taalkleier, een woordvormer, een copywriter en een verhalenfan. Ik schrijf, dus ik besta. Strijken vind ik stom en koken een uitdaging. Dagelijks doe ik fanatiek aan peuterzeulen en kleutersjouwen en daarnaast is Krav Maga mijn lievelings.

Ik schreef en publiceerde twee boeken: ‘Zwanger, the true story’ en ‘Supermama’s, the true story’. And there’s more where that came from. Dus hou me in de gaten.

Wil je meer weten over Charlotte’s werk? Ze heeft onlangs haar nieuwe website gelanceerd en het is de moeite waard om een kijkje te nemen: https://treffendcommunicatie.nl/

Aanmelden nieuwsbrief


Onze locaties

Haarlem

Gonnetstraat 7
2011 KA Haarlem

Alphen aan den Rijn

H. Dunantweg 1
2402 NM Alphen aan den Rijn

Officieel lid van:

Copyright © Trainingscentrum Helena
Volg ons